Ingrediënten voor 4 personen:1 kg aardappels met geel vruchtvlees15 el ca. extravergine olijfolie zout
Schil de aardappels, was ze onder stromend water, dep ze droog en snijd ze in dunne plakjes van ongeveer 3 mm. Giet de olijfolie in een koekenpan met een dikke bodem zodat de bodem met ongeveer 1 cm olie is bedekt. De pan moet niet te groot zijn (24 à 26 cm in diameter) – hoe meer de aardappelen ‘opgestapeld’ en over elkaar liggen, hoe beter het gerecht zal lukken. Zodra de pan heet is, doet u de aardappels erin, overlappend maar niet geheel ‘ondergedompeld’; voeg zout toe en laat ze bakken op hoog vuur. Schud de pan na een paar minuten en draai de aardappelen met behulp van een spatel voorzichtig allemaal tegelijk om, zorg ervoor dat ze niet breken. Bak ze 25 minuten, tot ze goudbruin zijn – niet gefrituurd – en goed aan elkaar ‘plakken’ (‘impacchiuse’). Giet de overtollige olijfolie uit de pan, leg de aardappels op een schaal en serveer ze warm.
Dit is een typisch Calabrees bijgerecht, de klassieke, eenvoudigste versie van het recept; u kunt ze echter ook bereiden met toevoegingen zoals spek, champignons, uien, etc…
De naam is afkomstig uit het Calabrese dialect en komt overeen met het Italiaanse woord "appiccicate" = aan elkaar geplakt.