Ingrediënten voor 6 personen:500 g verse lasagnebladen3 potten Tomaten-paprikasaus (à 280 g)1½ potje Pasticcio di Olive (grofgesneden gekruide olijven) (à 140 g)180 g geraspte gerijpte pecorino1 klontje boter *** voor de bechamelsaus:70 g boter500 ml melk100 g meel½ tl nootmuskaat zout
Bereid de bechamelsaus: breng de melk aan de kook en laat ondertussen de boter op zeer laag vuur smelten in een kleine pan met dikke bodem. Zodra deze is gesmolten, voegt u het meel toe en roert het geheel 2 à 3 minuten door met een garde (het mengsel mag niet te veel kleuren). Giet de kokende melk beetje bij beetje erbij en blijf voortdurend roeren. Laat ongeveer 10 minuten koken op zeer laag vuur, zonder te stoppen met roeren zodat de saus niet aankoekt op de bodem. Haal van het vuur en breng op smaak met zout en nootmuskaat. Houd de bechamelsaus apart; leg keukenfolie op het oppervlak om te voorkomen dat zich een 'vel' op de saus vormt. Vet de bodem van een ovenschaal in met boter, verdeel er een paar lepels Tomaten-paprikasaus en bechamelsaus over; leg er een laag lasagnebladen op, dicht tegen elkaar aan; verdeel er een paar lepels Pasticcio di Olive, wat bechamelsaus en nog wat Tomaten-paprikasaus over. Verdeel de saus goed met de achterkant van de lepel. Strooi er vervolgens een flinke hoeveelheid pecorino over en ga door met dezelfde lagen tot alle ingrediënten op zijn. Eindig met tomatensaus en de pecorino; prik met een vork gaatjes in het oppervlak (zo komt het deeg tijdens het bakken niet 'omhoog' en dringt de saus ook binnenin door). Bak ongeveer 35 minuten in een voorverwarmde oven op 200 °C en laat voor het serveren 10 à 15 minuten rusten. Buon appetito!